HCM: Hypertrofische Cardiomyopathie

HCM is een erfelijk hartprobleem dat bij alle katten kan voorkomen. Deze aandoening is gekenmerkt door een geleidelijk verdikkende spierwand van de linker hartkamer van de kat. Daardoor kan het hart steeds minder goed functioneren en treden diverse symptomen op: hartfalen, embolieën (verstopping van een bloedvat), beroertes of een (achterhand)verlamming.

Katten die HCM hebben, hoeven dat niet altijd duidelijk te vertonen. Ze kunnen bijvoorbeeld wat rustiger zijn of een hartruis hebben. Maar het komt ook voor dat een kat geen enkel symptoom vertoont en van de ene op de andere dag overlijdt aan een hartstilstand. HCM heeft altijd een dodelijke afloop, maar wanneer de kat overlijdt, varieert. Sommige dieren sterven jong, terwijl andere pas overlijden op een bejaarde leeftijd.

HCM is enkel vast te stellen met een echocardiogram uitgevoerd door een specialist (dus niet een gewone dierenarts) en met gespecialiseerde apparatuur: een kleuren-doppler scan. Heel jonge dieren kunnen nog niet worden getest, want het hart moet eerst volgroeid zijn. Bij katers is dat meestal als ze ongeveer twee jaar oud zijn, bij poezen is dat op driejarige leeftijd.

Als uit een scan blijkt dat de hartwand niet is verdikt, is de kans dat het dier HCM heeft toch nog twintig procent. Bij katten waarbij HCM wordt vasgesteld, heeft honderd procent inderdaad deze ziekte. HCM komt incidenteel voor bij huiskatten en raskatten, en sommige rassen hebben een wat grotere kans op HCM. Binnen deze rassen worden de fokdieren door serieuze fokkers meestal standaard getest.

HCM vererft autosomaal dominant. Van katten waarbij HCM wordt vastgesteld heeft minstens één ouder de ziekte. Gemiddeld zal de helft van de kittens uit een met HCM aangedane kat eveneens HCM ontwikkelen. Zodra HCM is vastgesteld, kan specifieke medicatie het leven van het dier verlengen en veraangenamen, maar te genezen is het niet.